Recordaantal museumbezoeken in 2019: bijna 33 miljoen

Nieuws | 24 sep. 2020

De jaarlijkse Museumcijfers van de Museumvereniging, de brancheorganisatie van ruim 400 Nederlandse musea en uitgever van de Museumkaart, zijn bekend. 2019 gaat de boeken in met een absoluut bezoekrecord, zeker omdat we voor 2020 door de tijdelijke sluiting en heropening binnen de coronamaatregelen een scherpe daling verwachten.

De musea in Nederland hadden een recordaantal bezoeken in 2019: bijna 33 miljoen. Dat is 0,6 miljoen meer dan in 2018. Opvallend is dat de stijging vooral komt doordat de bezoeken van Museumkaarthouders verder toenamen tot 9,3 miljoen en kinderen meer naar musea gingen, in totaal bijna 2,2 miljoen keer. Dit bevestigt wat eerder al uit consumentenonderzoek bleek: ouders, grootouders en kinderen vinden een museumbezoek leuk en leerzaam. Tegelijk daalde in 2019 het aantal bezoeken door buitenlandse toeristen, met 0,2 miljoen, ondanks de groei van het buitenlands toerisme.

Dit blijkt uit de jaarlijkse meting van de Museumvereniging, de brancheorganisatie van ruim 400 Nederlandse musea en uitgever van de Museumkaart. De leden van die vereniging draaien samen 95 procent van de omzet in Nederlandse musea. De Museumvereniging verwacht voor 2020 door de verplichte tijdelijke sluiting en de aanhoudende corona beperkende maatregelen een scherpe daling van het museumbezoek naar ongeveer 9 miljoen. Daarmee zal 2019 de boeken ingaan met een absoluut bezoekrecord.

Kinderen gingen veel vaker

Kinderen gingen in totaal bijna 2,2 miljoen keer naar een museum vorig jaar. Van de kinderen tot en met 12 jaar ging 68 procent in de vrije tijd, en 32 procent met hun basisschool. Bij jongeren van 13 tot en met 18 jaar ging een groter deel met school: 39 procent. Gemiddeld worden in het voortgezet onderwijs 106 schoolbezoeken per 100 leerlingen afgelegd; in het basisonderwijs gaat het om 82 bezoeken per 100 leerlingen. Ongeveer een derde van die bezoeken door leerlingen van basisscholen was aan het Rijksmuseum in Amsterdam.

Omzet omhoog, kosten ook

De omzet van de musea was 1,1 miljard in 2019. Daarvan kwam 50 procent uit subsidies en 50 procent uit eigen inkomsten: entree, winkel, horeca, sponsoring, giften en zaalverhuur. Die eigen inkomsten zijn de afgelopen jaren telkens gestegen, terwijl de subsidies op hetzelfde niveau als in 2011 zaten. Musea zijn in die periode niet gecompenseerd voor 12 procent inflatie. Voor het eerst schreven ook grotere musea rode cijfers. Opvallend was de stijging van de tentoonstellingskosten door toename van het aantal tijdelijke presentaties. In 2019 waren er in totaal 2.256 tijdelijke tentoonstellingen, dat is 1,6 procent meer dan in 2018.

Meer betaald personeel

In musea werkten in 2019 zo’n 12.000 betaalde krachten, plus zo’n 28.000 stagiairs en vrijwilligers. De betaalde krachten vertegenwoordigen in totaal 7.800 fte, tegen 7.300 fte in 2018. Ook zijn er steeds meer medewerkers met een vast dienstverband die steeds vaker onder de Museum Cao vallen. Zo’n 57 procent van de fte valt onder die cao, tegen 51 procent in 2014. Stagiairs en vrijwilligers die vaak een bescheiden vergoeding krijgen, werkten in 2.800 fte (tegen 2.500 fte in 2018). In 19 procent van de musea werkten enkel onbetaalde krachten (vrijwilligers).

Forse daling aantal bezoeken in 2020

Vanwege de forse daling van het aantal bezoeken hebben musea de programmering van hun tentoonstellingen aangepast. Buitenlandse toeristen zullen grotendeels wegblijven door reisbeperkingen. Dat er in de zomervakantie meer Nederlanders in eigen land op vakantie gaan en dan soms een museum bezoeken, biedt onvoldoende compensatie voor het grotendeels weggevallen buitenlands bezoek. De verwachting is dat de publieksgerelateerde inkomsten met 60 procent zullen dalen in 2020. Mogelijk vallen aanvullend ook inkomsten van sponsors, private fondsen en andere partijen weg.

Tenslotte

Zo’n 17 miljoen inwoners van Nederland kunnen zich in vrijheid laten verrassen en confronteren door museale collecties. Musea verzamelen, bewaren, onderzoeken, interpreteren en presenteren een enorm cultureel kapitaal dat van ons allemaal is. Daarmee vertellen ze aan een groot en divers publiek eigentijdse verhalen over wie we werkelijk zijn en waar we eigenlijk vandaan komen.

Musea zijn plekken van ontmoeting, verbinding en bijzondere ervaringen. Ze bevorderen bovendien reflectie en debat; in musea is ‘een leven lang leren’ de praktijk. Maar ook aan actuele, maatschappelijke opgaven als kansengelijkheid, de Nederlandse identiteit en een florerende economie leveren musea een overtuigende bijdrage.

Daarom bouwt de Museumvereniging met de musea in een fijnmazig netwerk aan een blijvende binding van álle Nederlanders met museale collecties. En alleen samen vertellen musea het hele, actuele verhaal van onze steeds veranderende samenleving.

Bekijk de samenvatting van Museumcijfers 2019 hier.

Bekijk onze publicatie hier.

Deel dit nieuws