Om overeind te blijven, is nu eerst stevige steun nodig voor de sector

Nieuws | 19 mei 2020

De Raad voor Cultuur heeft maandag 18 mei een brief geschreven aan minister Van Engelshoven van OCW, waarin de raad erkent dat de cultuursector veel groter is dan alleen het van rijkswege gesubsidieerde deel en dat de sector aantoonbaar een aanjaagfunctie vervult in tijden van economisch herstel. 

De initiatieven van o.a. musea tijdens de intelligente lockdown en het veilig en verantwoord heropenen in de anderhalve meter samenleving laten zien dat de sector uitblinkt in innovatiekracht, aldus de Raad. Ook constateert de Raad dat de verliezen aan eigen inkomsten door de corornamaatregelen verder oplopen. Om die reden acht de Raad het noodzakelijk dat de minister haar coulancebeleid voor door het rijk gesubsidieerde instellingen laat doorlopen in 2021. Eerder bepleitte de raad passende compensatiemaatregelen voor de sector.

Om overeind te blijven, is nu eerst stevige steun nodig om de verliezen in de museumsector te beperken.

Dat bepleit de Museumvereniging. Sinds de verplichte tijdelijke sluiting van musea lopen musea wekelijks bijna 10 miljoen euro aan publieksinkomsten mis. Tot 1 juni gaat dat om circa 115 miljoen euro aan entreegelden en inkomsten uit winkel, horeca en verhuur. Dat bedrag zal na veilige en verantwoorde heropening nog oplopen tot ten minste 250 miljoen euro in 2020. Het noodpakket banen en economie, de coulancemaatregelen over uitstel van betaling van huur door rijksmusea en loslaten van prestatieafspraken, het steunpakket voor de culturele en creatieve sector met 300 miljoen euro extra (vooral voor rijksgesubsidieerden) en ruim 4 miljoen euro extra voor o.a. kunstenaars en kleine musea bij het Mondriaan Fonds zijn waardevolle stappen. Hiermee wordt in beperkte mate tegemoetgekomen aan de doorlopende kosten van musea door het hele land; zo houdt NOW nog onvoldoende rekening met de seizoenspiek in de personele bezetting. Bij verlenging van NOW en TOGS moeten deze regelingen doeltreffender worden om werkgelegenheid en inkomen te behouden. Nu de museumsector de afgelopen jaren weliswaar minder afhankelijk van subsidies is geworden, is ze dat des te meer van een gezonde, sterke economie in ons land. En daar dragen musea ook volop aan bij. Want juist culturele voorzieningen versterken de economische aantrekkingskracht van een stad of regio. Cultuur vergroot het verdienvermogen van een stad of streek. De culturele en creatieve en mediasector is goed voor 3,8% van het bruto binnenlands product en voor 4,8% van de werkgelegenheid in ons land. Het grote en diverse publiek dat zij door het hele land bereiken verdient dat cultuur voor allen bereikbaar blijft, ook in de anderhalve meter samenleving of na de coronacrisis.

Een bestuursakkoord is nodig om de fijnmazige, regionale museale infrastructuur overeind te houden.

De Museumvereniging zet zich in voor een passend steunpakket voor álle musea, ongeacht hun grootte, type collectie, vestigingsplaats of wijze van financiering. Het is aan het kabinet, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en het Interprovinciaal Overleg om daarover voor een langere termijn nadere afspraken te maken. Onderdeel van het steunpakket zijn: tegemoetkoming in de huisvestingskosten, een overbruggingsfonds voor herstel van het werkkapitaal en de vraaguitval en verruiming van de Geefwet als fiscale stimulans voor gulle gevers aan musea.    

1.     Zeer urgent is de tegemoetkoming in huisvestingskosten o.a. door kwijtschelding van huurpenningen, na personele lasten de grootste kostenpost in de exploitatie van musea. Het gaat ten minste om 70 miljoen euro tot eind 2020. Door het coronavirus maken musea niet of minder gebruik van hun huisvesting; niettemin betalen zij daar wel volledige huisvestingskosten voor. Ook de Raad voor Cultuur adviseerde op 6 april jl. om huren van culturele instellingen kwijt te schelden. Onze sector staat daarin niet alleen: ook de NS pleit voor een dergelijke tegemoetkoming voor het spoor en in de sport is recent een vergelijkbaar akkoord over accommodaties gesloten. Wij dringen erop aan om deze compensatie in de vorm van een doeluitkering aan gemeenten en provincies vorm te geven. Daarmee kan snel tot uitvoering worden overgegaan en worden de administratieve lasten tot een minimum beperkt. Bovendien stelt een dergelijke uitkering gemeenten in staat om in gesprek met musea tot maatwerk te komen.

2.     Een herstel- of overbruggingsfonds voor musea. Dit fonds is nodig voor verder herstel van het werkkapitaal van musea én voor herstel van de vraaguitval van museumbezoek. Na de economische crisis hebben musea ervaren dat er een na-ijleffect is en het een paar jaar duurt voor museumbezoek weer een gewoonte wordt. Om de vraaguitval zo veel mogelijk te beperken sluit de museumsector nu al aan bij initiatieven van Gastvrij Nederland (o.a. NBTC, ANWB, dagattracties en dierentuinen). Maar voor herstel van het werkkapitaal hoeven musea van gemeenten alleen niet veel te verwachten omdat juist gemeenten vanwege decentralisaties de subsidies aan musea hebben afgebouwd tot het laagste bedrag dit decennium en omdat de komende jaren de druk op het Gemeentefonds verder zal toenemen. Vandaar dat de vereniging aandringt op extra middelen voor de middellange termijn.

3.     Tijdelijke verruiming van de Geefwet zodat musea nog beter gulle gevers kunnen betrekken bij bijvoorbeeld tentoonstellingsprogramma’s. Deze fiscale stimulans voor particulieren die schenken aan culturele ANBI’s zoals musea, zou tot ten minste 31 december 2021 verruimd moeten worden. Deze maatregel is ter ondersteuning van de fondsenwerving die de laatste jaren op gang is gebracht. Met de Museumkaart zien we ook voor donaties van kleinere bedragen meer interesse ontstaan; een blijk van waardering en draagvlak voor musea. Bovendien is een verbinding tussen herstel van werkkapitaal en verruiming Geefwet denkbaar waarbij de overheid alle in het kader van corona verworven extra giften van particulieren en bedrijven aan musea (met ANBI cultuur status) één op één matcht vanuit een steunfonds.

Musea bereiden zich momenteel voor op veilig en verantwoord heropenen

Vanavond wordt duidelijk of musea inderdaad per 1 juni mogen heropenen. Eerder maakte de overheid bekend dat voor museumbezoek online of telefonisch reserveren verplicht is, ook met de Museumkaart. Gezien de beperkte reisbewegingen die zijn toegestaan, zal er vooral sprake zijn van lokaal en regionaal museumbezoek. Voor het verder versterken van de binding met collecties is daadwerkelijk museumbezoek cruciaal. Want hoe troostrijk deze dagen het online aanbod van musea ook is, er gaat niets boven de zintuiglijke ervaring van ‘de echte ontmoeting’ met kunst en erfgoed. Die ervaring verrijkt ons en stimuleert de gezondheid. Die beleving bevordert de sociale binding in de samenleving en leert ons verschillen te overbruggen.

Deel dit nieuws