Herkomstonderzoek musea
Van 2009 tot en met 2013 loopt het onderzoek Museale Verwervingen vanaf 1933. Het richt zich uitsluitend op kunstvoorwerpen in de Nederlandse musea. Zijn vanaf 1933 aanwinsten in de collecties terechtgekomen waarvan de herkomst vragen oproept oftewel verwijst de herkomstgeschiedenis naar roof, confiscatie, gedwongen verkoop of verdachte omstandigheden ná 1933 tot aan het einde van de Tweede Wereldoorlog? Het onderzoek is een vervolg op het museumonderzoek Museale Verwervingen 1940-1948, dat de Nederlandse Museumvereniging in 1998-1999 deed. Contactpersonen:
Helen Schretlen, T 020-551 29 37
Jona Mooren, T 020-551 29 11, gedurende haar zwangerschapsverlof tot en met mei 2013 waargenomen door Geerte Broersma
Voor- en naoorlogse verwervingen
In Duitsland werden joden al sinds 1933 bedreigd, bestolen of hun bezit geconfisqueerd. Het is niet uit te sluiten dat zich in Nederlandse musea voorwerpen bevinden die vóór het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog door joodse eigenaars in Duitsland en Oostenrijk onder druk zijn verkocht of afkomstig zijn uit hun geconfisqueerd bezit.

Ná de Tweede Wereldoorlog kunnen via kunsthandels, veilingen of particulieren ‘zwervende’ roofgoederen eveneens in musea terecht zijn gekomen. Daarom wordt de musea gevraagd de periode 1948-1954 op rechtstreekse herkomst nauwgezetter te onderzoeken. De jaren ná 1954 kunnen dan volstaan met een globaler herkomstonderzoek, omdat dan alleen onderzoek kan worden verricht naar objecten waarover gegevens over oudere herkomst bestaan.
Ondersteuning onderzoek
De musea doen het onderzoek zelf. Als ondersteuning hierbij organiseerde de Museumvereniging goed bezochte informatiemiddagen om de musea te informeren over het onderzoek. Verder biedt deze website de nodige documentatie: Ondersteuning onderzoek.
Publicatie
In 2013 sluit het project met een onderzoeksverslag met de resultaten en met een website. Hiermee legt het team publiek verantwoording af over werkwijze en resultaten van het onderzoek. Vanaf dan is duidelijk dat de musea collecties beheren met heldere, transparante herkomst-geschiedenissen. Als bijkomstig positief effect krijgen de musea meer inzicht en kennis over de achtergrond van hun collecties.