Gebruiksbesluit
Sinds 1 november 2008 gelden landelijke voorschriften voor het brandveilig gebruik van bouwwerken. Met de inwerkingtreding van het Besluit brandveilig gebruik bouwwerken (Gebruiksbesluit) vervallen de gemeentelijke voorschriften en geldt één landelijke set aan voorschriften. De rechtsgelijkheid wordt hierdoor bevorderd. De administratieve lastendruk zal sterk verminderen. Het aantal gebouwen waarvoor een gebruiksvergunning verplicht is neemt met ± 80% af.
Sinds 1 november 2008 geldt fase 1 van het Gebruiksbesluit, waarin de voorschriften voor brandveilig gebruik uit de modelbouwverordening van de VNG overgeheveld worden naar landelijke regelgeving. Fase 2 van het Gebruiksbesluit ging in de loop van 2009 in. Deze gaat over de afstemming van de bouwtechnische, installatietechnische en gebruikstechnische eisen.
Sinds 1 november 2008 moet een aanvraag tot gebruiksvergunning worden gedaan bij de gemeente met behulp van een landelijk vastgesteld formulier (gepubliceerd in de Staatscourant, nr. 196, d.d. 9 oktober 2008). Met datzelfde formulier kan ook een melding ‘brandveilig gebruik’ worden gedaan.
Samengevat leidt het nieuwe Gebruiksbesluit tot het volgende:
- eenheid in gemeentelijke voorschriften die landelijk gelden
- door deze eenheid zijn minder aanvullende eisen nodig
- indien in gebouwen kwetsbare groepen mensen worden gehuisvest, blijft het noodzakelijk een gebruiksvergunning aan te vragen: gevangenissen, kinderdagverblijven voor meer dan 10 kinderen, basisscholen en hotels en tehuizen met meer dan 10 bedden
- voor gebouwen waarin meer dan 50 mensen verblijven geldt een meldingsplicht bij de gemeente over het gebruik en de brandveiligheidsmaatregelen. Hiervoor bestaat een landelijk standaardformulier, waarvan gemeenten niet mogen afwijken
- het aanvragen van een gebruiksvergunning is niet meer nodig
- de melding moet uiterlijk vier weken voor ingebruikname van een gebouw geschieden. Na melding kan het gebouw in gebruik worden genomen
- gemeenten toetsen een melding en bepalen zelf of en wanneer controle ter plekke plaatsvindt. Hierbij wordt gebruik gemaakt van een risico-analyse
- wanneer de gemeente constateert dat het gemelde gebouw onvoldoende brandveilig is, kan zij aanvullende brandveiligheidseisen voor het gebruik van dat gebouw opleggen
Voor verdere informatie en hulpmiddelen bij de toepassing van het Gebruiksbesluit zie www.vrom.nl.